Het KPMB Plaagdiermanagment-keurmerk geeft aan dat bedrijven moeten werken volgens de ‘Integrated Pest Management’ aanpak (IPM) en verantwoord omgaan met dierplagen om milieuschade te beperken. Verder stelt het keurmerk eisen aan uitvoering, transport, opslag, afvoer, arbeidsomstandigheden en scholing.
KPMB Plaagdiermanagement

Laatste screening: april 2026
Thema's
Het doel van KPMB is om zo min mogelijk gevaar voor mensen, dieren en het milieu te veroorzaken bij het voorkomen en beheersen van plaagdieren. Dit betekent dat er altijd eerst ingezet wordt op duurzame preventie. Wanneer er toch bestrijding nodig is, zal er gekeken worden naar manieren waarbij geen gif nodig is. Gif wordt, volgens een vooraf opgesteld plan, pas als laatste redmiddel ingezet. Alle andere opties voor de aanpak of bestrijding van dierplagen moeten overwogen worden, maar het is niet uitgewerkt wanneer gifgebruik als ‘onnodig’ gezien wordt. Ook worden geen specifieke manieren beschreven waarop andere planten en dieren beschermd kunnen worden. De plaagbeheerser moet wel alle gekozen stappen onderbouwen. Deze aanpak is voor gebruik van bestrijdingsmiddelen in de landbouw omschreven in de wet. Het keurmerk gaat daarmee iets verder dan wettelijk verplicht door deze aanpak ook toe te passen op het bestrijden van dierplagen buiten de landbouw.
Dierenwelzijn wordt niet genoemd in de eisen van het keurmerk. Maar bij het bestrijden van plaagsoorten speelt dierenleed meestal wel mee. Dierenleed bij de plaagsoort zelf, maar ook doordat andere soorten onbedoeld geschaad kunnen worden door bijvangst of doorvergiftiging. De beheersingsaanpak met preventie en het voorkomen van bestrijdingsmiddelengebruik zorgt daarmee toch voor minder dierenleed. Dit is niet hetzelfde als het verhogen van dierenwelzijn.
Het opvolgen van de eisen van KPMB door plaagdierbeheersers, en de IPM-aanpak, wordt gecontroleerd door onafhankelijke, geaccrediteerde certificerende instellingen (CI’s).
Meer informatie?
Er is nog veel meer te lezen over de milieu-impact van bloemen.